1998-1-2 - Historische Kring Hoogland

Zoeken
Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

1998-1-2

Publicatie's > Ons blad De Bewaarsman
 
 
Honderd jaar Rabobank  Hoogland
Nellie van Vulpen

In 1996 was het honderd jaar geleden dat in Hoogland een Voorschot- en Leenkas werd opgericht. Doel was dat de boeren elkaar met gunstige kredietvoorwaarden vrijer en zelfstandiger zouden maken, waardoor ieder de middelen had zijn bedrijf verder te ontwikkelen. Een dergelijk initiatief was geen overbodige luxe, want het ging de boeren zowel binnen als buiten Nederland al jaren bijzonder slecht.De oprichting van de bank in Hoogland was geen op zichzelf staand feit, maar paste in een bredere ontwikkeling binnen de internationele agrarische sector. In Duitsland had Friedrich Raiffeisen (1818-1888) reeds de eerste coöperatieve agrarische boerenleenbanken gesticht. 

De oprichting van de Hooglandse bank in 1896 vond dan ook plaats in de geest van Raiffeisen.De initiatiefnemer van de Hooglandse bank was de toen nog jonge kapelaan Jan van Schaik. Hij was bijzonder actief binnen de agrarische gemeenschap, zowel in Hoogland als daarbuiten.De rooms-katholieke geestelijkheid speelde op het platteland een belangrijke rol. Daarvóór had pastoor H.J. Pieck zich al bemoeid met de oprichting van het Boerengilde in Hoogland. In de twintigste eeuw zou de katholieke geestelijkheid van Hoogland bij tal van initiatieven een belangrijke rol blijven spelen. Niet zo verwonderlijk, gezien het feit dat Hoogland toch een overwegend katholieke gemeenschap is geweest.In 1906 werd de Voorschot- en Leenkas omgezet in de Coöperatieve Boerenleenbank. Bij jubileumvieringen van de Rabobank wordt ook dit jaar wel als oprichtingsdatum herdacht. In 1981 vierde zij immers haar 75-jarige bestaan, ter gelegenheid waarvan het welbekende 't Hoogh Landt door H.J. Poots werd geschreven, een overzicht van de Hooglandse geschiedenis en van de ontwikkeling van de bank.

Tot ver na de Tweede Wereldoorlog beschikte de Boerenleenbank niet over een eigen gebouw. De zittingen vonden de eerste decennia plaats bij de kassier thuis en de openingstijden waren aangepast aan de kerkdiensten. Zondagmiddag na het Lof kon men zaken doen op de bank.Ondertussen waren ook op nationaal niveau veranderingen gaande. Het aantal coöperatieve kredietinstellingen was aan het einde van de negentiende eeuw flink toegenomen en dit resulteerde in het ontstaan van twee centrale banken. In Utrecht werd de Coöperatieve Vereeniging van Raiffeisenbanken en Landbouwvereenigingen opgericht en in Eindhoven de Coöperatieve Centrale Boerenleenbank. Beide bankinstellingen hadden hun wortels in het katholieke agrarische volksdeel. Pas toen de Utrechtse bank niet langer de christelijke grondbeginselen als grondslag van de samenleving zag, ging religie een rol spelen in de keuze voor de aansluiting bij een van deze banken. Onder invloed van de opkomende verzuiling koos de Hooglandse Boerenleenbank voor aansluiting bij Eindhoven. Hoogland was toen nog één van de weinige banken die zelfstandig functioneerden. 

De directe aanleiding tot de aansluiting was de oprichting van de Coöperatieve Aankoop- en Malerijvereeniging. Een aantal boeren had in 1915 het initiatief genomen tot de oprichting van een malerij en een coöperatieve aankoopvereniging voor de landbouw. De bank zou hier een belangrijke rol in kunnen vervullen, zo meende men. Maar daarvoor was bedrijfskapitaal nodig en ook de steun van een professionele organisatie. De tijden waren duidelijk veranderd sinds de oprichting van de eerste Hooglandse bank twintig jaar eerder. Door de aansluiting bij de Eindhovense bank raakte de lokale bank geleidelijk aan zijn zelfstandigheid kwijt. Eindhoven ging steeds meer een stempel drukken op de lokale bankaangelegenheden. Een ontwikkeling die door de Hooglandse bank zeer werd betreurd, was de afscheiding van Hooglanderveen. In 1921 begon men hier met een eigen Boerenleenbank en Hoogland raakte een deel van zijn klanten kwijt.

De verwevenheid van de Boerenleenbank met de Hooglandse gemeenschap blijkt op diverse terreinen. Zo verschafte zij in 1917 een lening voor de bouw van zowel de Sint Henricusschool als Concordia, het tegenwoordige partycentrum 't Hoogh Landt. In Concordia zou de bank tot aan het einde van de jaren vijftig haar zaken regelen. Toen pas kreeg de bank een eigen gebouw aan de Kerklaan. Tot op heden is ze er niet meer weg te denken, al hebben zich sindsdien flink wat veranderingen voorgedaan. Eén daarvan is het samengaan geweest met de Utrechtse Raiffeisenbank, waardoor in de jaren zeventig de Rabobank is ontstaan (een gegeven dat merkwaardig genoeg in het boek ontbreekt).De geschiedenis van de Hooglandse Rabobank kan men in grote lijnen terugvinden in het jubileumboek Door de Bank genomen. De ondertitel Hoogland 1896-1996 zegt al veel over de inhoud van het boek. Net als Poots hebben de samenstellers zich niet uitsluitend beperkt tot de geschiedenis van de Bank. Zij wilden deze juist een plek geven binnen het grotere geheel van de ontwikkelingen binnen de Hooglandse gemeenschap de afgelopen honderd jaar. Wie het boek leest, beseft dat het ontstaan van de Boerenleenbank, zoals zij in de volksmond werd genoemd, niet los gezien kan worden van lokale, nationale en zelfs internationale ontwikkelingen.

Door de Bank genomen is een heel aardig boek geworden, dat de lezer naast grappige stukjes ook interessante informatie verschaft. De foto's vormen een goede aanvulling op het verhaal, al laat de kwaliteit soms wel wat te wensen over omdat deze uit een krant afkomstig is. De redactie heeft haar materiaal geput uit verschillende dagbladen die in de loop van deze eeuw in deze regio zijn verschenen. Voorts zijn er diverse archieven geraadpleegd. 

Waar de redactie niet voor heeft gekozen is de mondelinge overlevering. En dat is wel jammer, want nu zijn er nog mensen die uit eigen ervaring veel kunnen vertellen over de vroege geschiedenis van de Boerenleenbank en over de mensen die er actief zijn geweest.De geschiedenis van de Rabobank en de Hooglandse gemeenschap worden in chronologische volgorde verteld. De onderwerpen zijn niet thematisch geordend. Wil de lezer weten wat er in een bepaalde tijd gaande was, dan is er geen probleem; de jaartallen volgen elkaar op. Iets anders wordt het wanneer je bijvoorbeeld wilt weten welke personen een actieve rol hebben gespeeld in de Hooglandse Boerenleenbank. De lezer is dan genoodzaakt alles te lezen. Dit probleem had voorkomen kunnen worden door het boek te voorzien van een register. Wie over bepaalde zaken of personen iets wil opzoeken, kan dan heel snel de gewenste informatie vinden. De redactie heeft daarmee naar mijn mening de waarde van haar eigen werk al te zeer onderschat. 

Honderd jaar Rabobank is niet uitsluitend interessant voor haar eigen klanten, maar ook voor hen die er meer mee willen doen dan een genoeglijk uurtje lezen. Ph. van Marschalkerweerd, H. Barbas, G. Hilhorst, R. Hopster, H. Lasseur, J. Reussien en D. Steenbeek, Door de Bank genomen. Hoogland 1896-1996 (Rabobank Hoogland 1997), 158 pp. Voor f25,- verkrijgbaar bij de Rabobank, Kerkstraat 4-6.
 
 
 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu