1998-2-2 - Historische Kring Hoogland

Zoeken
Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

1998-2-2

Publicatie's > Alle artikelen
 
 
Daan Gerritsz, de kooiman (ca 1655-1703)
De oorsprong van de familienaam Van de Kooy 
Jan van den Boom

Op de hier gedeeltelijk afgebeelde Kaarte van de polders der Eemlantsche leege landen van 1666 is voor het eerst een nummering van de percelen te zien. Aan de randen van de kaart wordt bij elk perceel de oppervlakte vermeld in dammaten (4/7 ha = 400 roeden) en roeden. Bij verpachting en verkoop van grond vindt men soms die perceelnummers vermeld, wat het onderzoek aanzienlijk vereenvoudigt. Ruim 170 jaar vóór de invoering van het kadaster van 1832 waren er in Eemland dus al kavelnummers, om in poldertermen te spreken.Op het hier overgenomen gedeelte van de genoemde kaart zien we de polder De Haar, doorsneden door de Haarse Wetering. De noordgrens van deze polder is de Bisschopsweg, richting Eembrugge en Baarn. Waar deze weg een bocht naar het zuiden maakt zien we de nummers 302 en 303; op 303 staat ook een huis getekend. Het huis heette Lochtenburch, later Veer in 't Veld, dialect voor ver in 't veld. Het was de boerderij van Daan Gerritsz.

Deze Daan trouwde in 1678 met Teuntje Jans. Ze waren beiden jongelieden van Zevenhuizen en hadden consent van wederzijdse vrunden. Schout Tielman Bailly en schepenen Wouter Gijsbertsz en Dirk Jansz. voltrokken het huwelijk in het rechthuis in de buurtschap Zevenhuizen. De Haar behoorde immers van 1620 (of eerder) tot 1811 tot het gerecht Duist, De Haar en Zevenhuizen.Het jonge paar begon een veehoudersbedrijf op de al vermelde boerderij. Daan huurde hier en daar land bij, zoals in 1687 negen dammaten onder het gerecht Eembrugge. In 1701 was Daan Gerritsz éénmaal de hoogst aangeslagene van het gerecht, met 49 dammaten. Waarschijnlijk gebruikte hij ook De Broeckgens, een perceel aan de overzijde van de Bisschopsweg. Misschien noemde Daniël zich daarom in 1695 Van den Broek. In dat jaar had Daniël een vervelende ervaring. De tolboom bij de Haarse brug (waar de Duister wetering de Bunschoterweg kruiste) was verdwenen. Waar diende zo'n boom nu voor? De wegen waren in die tijd niet verhard, zodat voorbijgangers met hun wagens in dit veenachtige gebied snel schade veroorzaakten. De plaatselijke boeren draaiden op voor de reparaties, dus probeerden zij het verkeer te hinderen door slagbomen te plaatsen. In 1688 sloten vertegenwoordigers van Amersfoort, Bunschoten en de polder Duist daarom een overeenkomst dat er voortaan tolgeld betaald moest worden. Het duurde nog even voor dat in kon gaan: pas vier jaar later gaven Gedeputeerde Staten van Utrecht hun toestemming. Uit de tarieflijsten blijkt dat de viskarluiden na betaling een nacht weg mochten blijven.

Het pad van Daans huis (Veer in ‘t Veld) naar de eendenkooi (kadasterkaart 1832)

Al gauw bleek Daniël wat er was gebeurd. Hij hoorde het waarschijnlijk van zijn nieuwe buurman Reyer Jansz. Deze had kort tevoren het middelste van drie huizen bij die tolboom gehuurd, samen met twee percelen land (229 en 231). Op verzoek van Daniël verklaarden Reyer en zijn broer Lambert dat zij gezien hadden dat burgemeester Klaas Rijksz, schout Cornelis Soock en de gerechtsbode van Bunschoten de tolboom aan de Haarse brug hadden verwijderd en naar Bunschoten hadden gebracht. Het kwam tot een proces voor de Staten van Utrecht. Deze bevalen de Bunschotenaren om de boom weer onbeschadigd terug te plaatsen, op straffe van 25 gouden rijders.Daan was ook kooiman, iemand die eenden ving in een kooi met lokeenden. De kooi is op de kaart te vinden onder nummer 286 en was een dammaat en 305 roe groot. Overigens is iets ten zuidoosten in polder De Hond nog een andere kooi te zien; er waren er nog veel meer in de polders.

Het bezit van de kooi verklaart waarom de familie zich later Van der Kooy ging noemen. Bij grondtransacties in 1708 en 1712 wordt vermeld: gelegen nabij Daantjes kooy. Dit terwijl Daan al was gestorven in 1703. Zijn vrouw Teuntje (nu Van Velsen genoemd) volgde in 1706.Daan en Teuntje hadden vier kinderen laten dopen in de rooms-katholieke kerk van Hoogland:
1 Cornelia (1678-1724), trouwde in 1707 te Baarn met Melis Jansz (1679-1722), veehouder in De Haar;
2 Joannes (1680);
3 Joanna (1684);
4 Gerardus (Gerrit, 1691), veehouder in De Haar, trouwde ca 1725 Clementia (Meinsje) Aarts (van der Woerd?).

In 1757 was de eendenkooi vervallen. Toen verscheen ter secretarie van Bunschoten Maas Thijsz (burger alhier, 85 à 86 jaar). Hij verklaarde op verzoek van Coenraad Temmink en Willem Hendriksz uit Amersfoort dat hij zich de kooi aan de Bisschopsweg in De Haar goed kon herinneren. Er werden eenden en andere vogels gevangen. Vanouds werd deze Daantje Veer- en Velts koy genoemd, naar de eerste eigenaar. Thijsz had de kooi ook helpen aanleggen. Bovendien verklaarde Lijsje Wouters, huisvrouw van Reyert Poort en ca 77 jaar oud, dat zij zich goed kon herinneren dat ze als dienstmeisje had gewerkt bij Melis Jansz, schoonzoon van Daantje. Lijsje moest toen helpen vogels te plukken die in de kooi gevangen waren.

Het echtpaar Gerrit Daniëlsz (van der Kooy) en Meinsje Aarts kreeg acht kinderen, waarbij in 1736 een Daan. Deze was de eerste van een reeks hoef- en grofsmeden die zich vestigden op De Ham:
1 Daniël Gerritsz van der Kooy, tr. 1765 Cornelia Andries Elders;
2 Andries Daniëlsz van der Kooy, tr. 1813 Maria van Es (ook Van Eeden);
3 Daniël Andriesz van der Kooy, tr. 1839 Agnes (Niesje) Cornelis van Westerlaak;
4 Cornelis en Andries Daniëlsz van der Kooy. 

Hun broer Johannes werd smid te Achterveld (gemeente Stoutenburg). Hij moest wel naar elders om zelfstandig smid te worden; een derde smid op De Ham was niet nodig. Johannes was in 1878 te Hoogland getrouwd met Johanna Maasen. Dit waren mijn grootouders van moederszijde. Inmiddels was het land in De Haar verkocht; rond de eeuwwisseling was het in handen van de RK Armen op 't Zand te Amersfoort. Onlangs is de eendenkooi van Daantje weer opgegraven door een aannemer.Voor aanvullingen van de genealogische en historische gegevens houd ik mij aanbevolen, met name de voorouders van Daniël Gerritsz en Teuntje Jans en het huwelijk van Gerrit Daniëlsz en Meinsje Aarts rond 1725. Mijn telefoonnummer is (0527) 61 53 82. Een eerdere versie van dit artikel verscheen in Genealogica (NGV afdeling IJsselmeerpolders, december 1992) 13-21.

Geraadpleegde bronnen Gemeente-archief Amersfoort, notariële archieven AT018b001 (Richard Saab), 18.2.1687, 16.2.1695.- gerecht Duist, De Haar en Zevenhuizen 372, 8.2.1678; overeenkomsten van 1688, 1692, heffing 1701; 24.4.1708, 18.3.1712.- waterschap De Eem 40, 7.7.1695.- gerecht Bunschoten 492, 27.9.1757. 
DTB Hoogland, Baarn

 
 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu